In Arbeidsrecht

Schiphol is een bijzondere werkomgeving. Het gaat hier immers om een plek waar 500.000 vluchten en 71.000.000 passagiers per jaar aankomen en/of vertrekken. Hiërarchie, instructies en procedures zijn van essentieel belang voor een goede en veilige bedrijfsvoering. Werknemers die op Schiphol werkzaam zijn dienen zich aan deze regels en procedures te conformeren of te vertrekken. ‘Gedoe’ met en door werknemers wordt niet getolereerd, aldus de rechtbank Noord-Holland.   

Stelselmatige overtreding van bedrijfsregels

Werkneemster, Flight Supervisor bij een grote cateringmaatschappij opererend op Schiphol, is sinds 2015 op Schiphol werkzaam. De werkneemster is belast met het coördineren van de aanvoer van maaltijden voor vluchten en fungeert als schakel tussen medewerkers van de cateringmaatschappij, medewerkers van Schiphol en medewerkers van de vliegtuigmaatschappijen.

In oktober 2018 beginnen de eerste scheurtjes in de relatie tussen werkneemster en haar werkgever zich te vertonen. Verschillende teamleiders beklagen zich over haar houding en manier van samenwerken. De reactie van werkneemster: ‘ik wil vooral mijn eigen ding doen’.

Slordigheden, nalatigheid en gedoe rondom de medewerkster stapelen zich op:

  • werkneemster laat na contact op te nemen met de afdeling Order Ops om de juiste aantallen maaltijden voor een vlucht door te geven.
  • werkneemster draagt oorbellen in situaties waarin zij in direct contact kan komen met voedsel, zelfs nadat zij erop gewezen is dat dit niet is toegestaan;
  • werkneemster houdt zich niet aan de procedurevoorschriften die gelden voor voertuigen die zich op de landingsbaan bevinden;
  • werkneemster laat na om de ovens met maaltijden van het vliegtuig te controleren;
  • werkneemster weigert zich te houden aan de kledingvoorschriften (lees: weigert haar stropdas te dragen) en gaat hierover in discussie met haar leidinggevende;
  • werkneemster wordt betrapt op het stiekem maken van foto’s van de werkruimten en collega’s.

Werkneemster krijgt voor deze overtredingen een officiële waarschuwing. De boodschap komt echter niet aan. Integendeel, korte tijd later parkeert werkneemster haar bedrijfswagen, pontificaal, op het midden van een vliegtuigopstelplaats.

Werkneemster wordt direct geschorst en voorgedragen voor ontslag.

Verweer werkneemster: ja, maar…

Werkneemster erkent dat zij meermalen voorschriften en regels heeft overtreden maar plaatst haar kanttekeningen bij het belang van de regels. Een greep uit haar verweer:

  • werkneemster erkent geen contact te hebben opgenomen met de afdeling Order Ops maar zag door de drukte hiervoor geen aanleiding. Bovendien zou het informeren van de afdeling ‘zinloos zijn geweest’, aldus de werkneemster;
  • werkneemster erkent dat zij haar oorbellen bleef dragen (terwijl zij wist dat dit niet was toegestaan) maar geeft als reden hiervoor dat zij haar oorbellen beschouwt als een ‘kenmerkend onderdeel van haar presentatie’;
  • werkneemster erkent dat zij de procedurevoorschriften voor voertuigen die zich op de landingsbaan bevinden niet heeft gevolgd, maar voert aan dat het vliegtuig op het punt stond om te vertrekken;
  • werkneemster geeft aan dat zij haar taak (om ovens te controleren op de juiste aantallen) heeft overgedragen aan een collega;
  • werkneemster erkent dat zij haar stropdas heeft afgedaan maar voert hierbij aan dat dit is toegestaan wanneer de buitentemperatuur 23 graden of meer is. Werkneemster geeft echter in één zucht toe dat de temperatuur lager was dan 23 graden;
  • en werkneemster erkent dat zij haar voertuig verkeerd heeft geparkeerd maar geeft aan dat ‘er nergens anders plek was’.

Rechter stelt vliegtuigcateraar in het gelijk: verwijtbaar handelen werkneemster

De rechter is duidelijk: ‘Schiphol is een plaats waar hiërarchie, instructies en procedures van essentieel belang zijn’. Deze procedures en voorschriften worden binnen de cateringmaatschappij keer op keer herhaald en via verschillende media aan de medewerkers aangeboden (via toetsen, shift briefings, memo’s, et cetera). Het gedrag en de houding van werkneemster moeten tegen deze achtergrond worden beoordeeld.

De rechter veroordeelt de ontkennende  en ontwijkende houding van werkneemster:

Door ieder keer de discussie aan te gaan zet werkneemster de verhouding tussen haar en haar leidinggevenden op scherp en creëert werkneemster een situatie waarin haar leidinggevenden telkens met haar en haar gedrag bezig moeten zijn. Dat kost allemaal (negatieve) energie en tijd en dat is niet werkbaar in een omgeving waar onder grote tijdsdruk moet worden gepresteerd en waar strikte veiligheidsvoorschriften gelden. Werkgever moet zich kunnen bezig houden met haar core business; er kan niet steeds ‘gedoe’ zijn rondom werkneemster.

De conclusie van de rechtbank is dan ook dat het vertrouwen van de cateringmaatschappij gedurende deze maanden zodanig is afgenomen dat uiteindelijk een point of no return is bereikt. De verstoorde arbeidsverhouding is een feit.

Conclusie

Op zichzelf kan het negeren van (kleding)voorschriften, het vrijelijk interpreteren en/of het ter discussie stellen van procedureregels als bescheiden overtredingen worden gezien welke eventueel een ontslag niet direct kunnen dragen. Dit wordt echter anders wanneer sprake is van een opeenstapeling van (soms schijnbaar onbenullige) incidenten binnen een uitzonderlijke werkomgeving. Van belang hierbij is wel dat de voorschriften en procedureregels kenbaar zijn en consequent worden herhaald en gehandhaafd.

Meer informatie

Neem contact op met één van onze advocaten arbeidsrecht. Mail hiervoor naar bindels@honoreadvocaten.nl of bel: 030 214 51 50.

Vindplaats uitspraak: ECLI:NL:RBNHO:2019:8913